Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud
Vindplaats van geloof, hoop en liefde

Samen bidden voor groeiseizoen geeft moed

De afstand tussen burger en boer lijkt groter dan ooit. Akkerbouwer Cornelis Mosselman en melkveehouder Martin Immink kunnen daarover meepraten. Samen bidden voor het groeiseizoen op Biddag geeft nieuwe moed. “Als christenen moeten we vooroplopen om de agrarische sector gezond én toekomstbestendig te maken.” 

‘Boeren is iets wat in je zit, ik zou niet anders willen.’ Dat zeggen de meeste boeren als je hen vraagt naar hun beroep. Maar door de huidige wet- en regelgeving hebben boeren het moeilijk. “Veel boeren zitten in een klem van somberheid, omdat ze geen perspectief hebben”, vertelt Cornelis Mosselman (41), akkerbouwer in het Zuid-Hollandse Ooltgensplaat. 

Afvalputje 

Het lijkt of de boer het afvalputje van de maatschappij is geworden. Vanuit de samenleving klinkt voortdurend de boodschap dat boeren milieuvervuilers zijn en niet goed omgaan met hun dieren. “De verbinding tussen burger en boer, die vroeger heel vanzelfsprekend was, is er nauwelijks meer”, zegt Mosselman. “Steeds minder mensen beseffen waar ons voedsel vandaan komt, en waar boeren tegenaan lopen. We moeten beter nadenken over de keuzes die we dagelijks maken en samen op zoek naar een manier hoe we het anders kunnen inrichten. Kleine, dagelijkse keuzes op het gebied van voedsel kunnen al verschil maken.”

Naast de boeren staan

Ook Martin Immink (47), die samen met zijn vrouw een melkveebedrijf in Daarle (Overijssel) runt, kan slapeloze nachten hebben. En dan niet zozeer vanwege het natte weer van de laatste maanden. “We hebben altijd al verschillende periodes van droogte en vernatting gehad, we moeten dealen met wat er is. Zo staat het ook al in de Bijbel: in vette jaren werden de graanschuren in Egypte volgestouwd voor de magere jaren.” De onzekerheden door wet- en regelgeving vanuit de overheid baren hem meer zorgen. “De regels stapelen zich maar op. Er zit veel onkunde achter en dat steekt. LTO Nederland levert goede input, maar daar wordt maar weinig mee gedaan. De overheid moet meer het land in, luisteren naar wat er leeft. Naast de boeren gaan staan, en openstaan voor ideeën.”

Het anders doen

Zes jaar geleden stapte Mosselman over op biologisch boeren en regeneratieve landbouw. Pionieren, noemt hij het. “Het was en is een enorme zoektocht, maar vanuit het oogpunt van goed rentmeesterschap moet het anders. Ik ben in mijn werk steeds bezig met de landbouw van de toekomst. Hoe ik die het beste kan vormgeven.” Hij ging op een andere manier telen, zodat hij het milieu minder belast. “Ik wil werken aan een systeem dat uiteindelijk beter tegen het veranderende weer kan.”

Ook Immink is graag bereid het anders te doen. “Sinds een paar jaar zaai ik klaver in het grasland. Eerst was ik daar geen voorstander van, maar op advies heb ik het een jaar geprobeerd. Nu ben ik er enthousiast over. Het haalt stikstof uit de lucht, we hebben geen kunstmest meer nodig, en het geeft dezelfde opbrengst. Met ruimte voor dit soort innovaties kunnen we problemen van deze tijd oplossen. Hiermee kom je verder dan met regels voor wat er allemaal niet mag.”

Oog voor de andere kant

Vrijwel iedereen heeft wel een mening over boeren, merkt Immink. “En iedereen zoekt argumenten in zijn eigen straatje om die mening te staven. Het dorp is bezig met de aanvraag voor windturbines. Dat levert wrijving op. Mensen hebben vaak maar weinig oog voor een andere kant van het verhaal, het levert eindeloze discussies op. Dat zie je ook in Kamerdebatten, ik maak me daar zorgen om. Iedereen mag voor zichzelf opkomen, maar partijen moeten rond de tafel om er samen uit te komen. In harmonie met elkaar kom je het verst.”

Onrecht

Mosselman ervaart ook wrijving. “Je wordt als boer niet beloond voor je diversiteit of voor het minder vervuilen van je omgeving.” Afgelopen jaar was een ingewikkeld groeiseizoen, met een droge zomer en een extreem natte periode in het najaar. “Ik stopte veel tijd in de groei van mijn wortels, maar na de oogst kreeg ik ze niet verkocht. Ze voldeden niet aan het schoonheidsideaal van de versmarkt. De wortels werden op uiterlijk beoordeeld, niet op smaak en inhoud. Daarmee wordt de sector onrecht aangedaan.” Via een actie op social media verkocht hij toch een deel van de oogst, het andere deel ging naar de Voedselbank.

Sabbatsjaar

Een tijd van ongewone stappen zetten, zo omschrijft Cornelis Mosselman de afgelopen jaren. Dat kon hij alleen met de hulp van God. “Als ik mijn geloof niet had, was ik nooit aan deze zoektocht begonnen.” In 2024 houdt hij een sabbatsjaar. Het land krijgt een jaar rust, het bemesten blijft. Om toch inkomsten te hebben, heeft hij een aantal dagen in de week een externe opdracht. “Ik wil iets doen met alle geleerde lessen om te kijken hoe ik in 2025 verder ga."

Goede gelegenheid

Als christenen moeten we voorop lopen om de agrarische sector in Nederland vorm te geven op een manier die gezond en toekomstbestendig is, vindt Mosselman. “God gaf ons de opdracht rentmeester te zijn van de aarde. We moeten keihard aan de slag om te doen wat goed is. Biddag is een goede gelegenheid om te bidden voor de boeren én voor mensen die invloed hebben op het beleid.”

Immink bezoekt op Biddag de ochtenddienst van de hervormde gemeente in Daarle. “Het geeft me moed om samen met anderen te bidden voor een nieuw seizoen. Daarbij spreken we onze afhankelijkheid van God uit. Wij doen ons best, maar Hij heeft de wereld in handen.”

Biddag voor gewas en arbeid

Woensdag 13 maart is het Biddag voor gewas en arbeid. Op deze dag wordt gebeden om Gods zegen voor de oogst en het werk, maar in bredere zin ook voor het welzijn in de familie en gemeente, de economie, de samenleving en de wereld.

>> Meer informatie over het bedrijf van Cornelis Mosselman: vooruitboeren.com

Lees ook:

Was deze informatie zinvol?
We hebben je feedback ontvangen, dankuwel!

Om deze pagina verder te verbeteren zijn wij benieuwd waarom u deze pagina wel of niet zinvol vond. U kunt ons helpen door de onderstaande vragen in te vullen.

Mogen we je contactgegevens voor eventuele verdere vragen? (niet verplicht)