Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud

Het askruisje op Aswoensdag: inkeer en omkeer

Steeds meer gemeenten markeren het begin van de Veertigdagentijd, de tijd van inkeer voorafgaande aan Pasen, op de dag waarop deze periode feitelijk begint: Aswoensdag. Het Dienstboek van de Protestantse Kerk reikt hiervoor liturgische suggesties aan, die uitlopen op het tastbare ritueel van bestrooiing of tekening met as. 

In de vroege kerk waren de veertigdagen (of varianten daarop) de tijd waarin de catechumenen zich voorbereidden op hun doop in de paasnacht en de rest van de gemeente op hun doopgedachtenis. Het was een tijd van  bewustwording van de betekenis van het geloof. Dat karakter heeft de Veertigdagentijd nog steeds. Het is een periode van bezinning op je leven en geloof, van bijbellezen, gebed en (een vorm van) vasten. Dat kan in een kerkelijke gemeente ook samen beleefd worden, bijvoorbeeld met een sobere maaltijd, met vespers of bijbelleesgroepen rond een bijbelboek. Het kan daarom betekenisvol zijn om die periode ook als gemeente in te luiden met een avondviering op de Aswoensdag. 

In de in het Dienstboek gegeven teksten voor de Aswoensdag staan boete- of smeekpsalmen centraal, zoals Psalm 69 of Psalm 57. Inkeer en omkeer zijn dan ook het overheersende thema op deze dag. De inkeer van de gelovige die zich bezint op zichzelf en tegelijkertijd de roep naar God om zich naar de mensen om te keren. De viering kan uitlopen op de ‘oplegging van as’. 

Teken van rouw en boete 

Aswoensdag ontleent zijn naam aan dit liturgische ritueel met as. As symboliseert dat het leven verdwijnt, de mens keert terug tot stof. Dat besef is verbonden met de kwetsbaarheid en relativiteit van een mensenleven. Het kan ook overdrachtelijk worden verstaan: we komen alle goede bedoelingen en geloofswoorden niet altijd na, en dat is letterlijk en figuurlijk zonde. Op deze dag belijden wij extra dat wij als mensen tekortschieten en afhankelijk zijn van Christus. 

Extra bijzonder wordt het als het niet zomaar as is, maar bij voorkeur de as van de palmpasentakken die we het jaar ervoor droegen tijdens de palmpasenviering aan het begin van de Stille Week. Zeker in de katholieke traditie wordt dat in ere gehouden. Het geeft eens te meer weer dat de hoogmoed van het geloof, waarmee Jezus zo enthousiast Jeruzalem werd binnengehaald, op veel momenten faalt. Ook Bijbels is as een teken van rouw en boete; als mensen iets betreuren zitten zij ‘in zak en as’. 

Strooien of bekruisen 

Als de kerkgangers naar voren komen bij het asritueel, waarbij passende muziek kan klinken, kan de voorganger wat as op het hoofd van ieder van hen strooien, een voor een. Een andere vorm is om de as in de vorm van een aan te brengen op het voorhoofd. De voorganger zegt daarbij: ‘Bekeer u en geloof het evangelie’, of: ‘Gedenk dat u stof bent en tot stof zult weerkeren.’ Of een variant daarop: ‘Gedenk, uit stof ben je gemaakt, maar kostbaar in Gods ogen.’ 

De bekruising op het voorhoofd kent zijn directe tegenhanger wanneer in de paaswake, dus als markering van het einde van de veertigdagen, bij de doopgedachtenis het voorhoofd met water bekruist wordt. Daarmee wordt in het mysterie van de opstanding van Christus alle zonde weer schoongewassen: de as verdwijnt met het reinigende water: ‘Wees getekend met het levend water.’ Die twee rituelen houden de Veertigdagentijd samen, als dood en opstanding. 

Tastbaar maken 

In veel protestantse kerken is er schroom om het ritueel van het askruisje uit te voeren, omdat het als ‘katholiek’ wordt gezien. Soms worden er mooie alternatieven bedacht, zoals het voor ieder aansteken van een klein stompkaarsje waar met vingerverf een ‘as’-kruisje op is getekend, dat de hele Veertigdagentijd door gebrand kan worden. Maar als je samen als gemeente over die schroom heenstapt, kan het askruisje een heel zintuiglijk ritueel zijn, dat een essentieel aspect van het geloofsleven, de inkeer en boete en daarmee de menselijke afhankelijkheid van Christus, heel tastbaar maakt. 

In de praktijk

 

“Voor het eerst een viering op Aswoensdag” 

“Dit jaar houden we als gemeente voor het eerst een viering op Aswoensdag. Dat is een mix van mijn eigen behoefte en die van anderen. Voor mij voelt het wat plompverloren om de Veertigdagentijd pas te beginnen op de eerste zondag en niet op Aswoensdag. De viering is een Taizéviering waarin ook de traditie van het askruisje een plek krijgt. In de regel komt er een vrij grote groep van 30 tot 40 mensen op de Taizévieringen af. Mensen die gevoelig zijn voor inkeer, verstilling en rituelen. De pastoraal werker in onze gemeente en ik bereiden deze vieringen om beurten voor, met één of twee groepsleden. Kleine rituelen krijgen daarin een plek. Omdat dit al een vaste groep is, voelt het veilig om tijdens de komende Taizéviering op Aswoensdag een ritueel met een askruisje te doen.” 

Marieke Ariesen-Holwerda, predikant van de Protestantse Gemeente Steenwijk

Illustratie: Annedien Hoogenboom

Was deze informatie zinvol?
We hebben uw feedback ontvangen, dankuwel!

Om deze pagina verder te verbeteren zijn wij benieuwd waarom u deze pagina wel of niet zinvol vond. U kunt ons helpen door de onderstaande vragen in te vullen.

Mogen we je contactgegevens voor eventuele verdere vragen? (niet verplicht)